Zoals gisteren reeds gezegd stonden Caroline en Gert deze ochtend rond 5u30 op om Sigiriya rock te beklimmen. Met meer dan 1200 treden zou dit een zware onderneming worden. Maar ze hebben het beide gedaan en waren net boven voor een mooie zonsopgang. Gelukkig had onze gids Janaka dit op dit strafbaar uur voorzien, want het zou gisteren zeer heet worden (gevoelstemperatuur 42°). En ’s morgens was er een stevige wind die zorgde voor wat afkoeling.



Toen ze terug in het hotel waren, was het tijd voor ontbijt, waarna we onze tocht verder konden zetten voor een bezoek aan Polonaruwa, die de tweede hoofdstad van Sri Lanka was geweest (6-12e eeuw, denk ik). Onze vriendelijke begeleider vertelde ons toen alweer ’the history of Polonaruwa’ (onder gids stond blijkbaar op repeat). Het verhaal van het koninklijk paleis bovenop de rots van de oudste zoon die zijn vader vermoordde omdat hij geen koning mocht worden (zijn vrouw was niet van koninklijke afkomst). Toen zijn jongere broer hem wou aanvallen en kwam opdagen met een groot leger, besloot de oudere broer zelfmoord te plegen omdat hij niet kon winnen van zijn jongere broer. Dat laatste deel van de zelfmoord was hij gisteren vergeten. Gert en Caroline hebben de ruines van zijn paleis (met de mooie fresco’s, the mirror wall en de lion paws) met hun eigen ogen kunnen bewonderen.









Op de archeologische site van Polonaruwa kregen we enkele mooie ruines van tempels en paleizen te zien. Alweer hadden de kloosters rondom de paleizen in die tijd 2000-2500 monniken (ik denk dat dit het getal is dat onze gids gebruikt om aan te geven dat het er heel veel waren).
We zijn toen nog naar de wood carving factory geweest. Ik ging me geen boeddha beeld kopen, maar heb er toch een tweetal mooie gevonden die ik niet Sri Lanka kon achterlaten.




Aan de ingang van ons hotel staat een bordje met het tijdstip wanneer de laatste wilde olifant voorbij komen wandelen is. Wij zijn er nog eentje later op weg naar het restaurant tegengekomen.

